Lundehund syndroom

De Lundehund is een zeldzaam hondenras met unieke eigenschappen. Honden van dit ras hebben grote kans op een ernstige darmziekte. Lundenhunden met deze ziekte krijgen diarree en verliezen veel eiwitten (protein loosing enteropathy, PLE). Vaak zijn de lymfevaten in de darm afwijkend (intestinale lymfangiectasie, IL). Er is een DNA test mogelijk.

De Lundehund

De Lundehund is een zeldzaam Noors hondenras. Er zijn wereldwijd maar 1200-1300 Lundehunden. De helft woont in Noorwegen. in Nederland zijn er 60 tot 70. Oorspronkelijk is dit ras ontstaan op de Lofoten eilanden. Mensen gebruikten de honden om op de rotsen te jagen op papegaaiduikers (Lunde fugl in het Noors). Omdat er maar zo weinig voorouders zijn, zijn twee willekeurige Lundehunden meer aan elkaar verwant dan normaal een volle broer en zus. Inteelt is dus onvermijdelijk.

Lundehund syndroom

Deze darmziekte begint vaak op jong volwassen leeftijd (gemiddeld 5 jaar, maar varieert van 2 tot 10 jaar). De honden kunnen braken, hebben vaak diarree en vermageren. Bij deze darmziekte zien we afwijkende lymfevaten in de darm (IL, intestinale lymfangiectasie). De diarree is zo ernstig dat veel eiwit uit het lichaam lekt (PLE, protein loosing enteropathy). Door het lage eiwitgehalte in het bloed, kan de hond vocht in de buik krijgen (ascites) of vocht in de poten (oedemen)

De diagnose

In het bloed kan de dierenarts vaststellen dat het totaal eiwit te laag is. Ook het albumine gehalte is te laag. Vaak is er een tekort aan vitamine B12. Om precies te weten wat er in de darm speelt, is een darmonderzoek (endoscopie) nodig. Hierbij nemen we biopten (stukjes weefsel uit het darmslijmvlies) om onder de microscoop te laten onderzoeken. Er is ook een DNA test mogelijk om de erfelijke afwijking vast te stellen, die waarschijnlijk verantwoordelijk is voor de ziekte.

Behandeling van PLE

Om de diarree, het vermageren en het eiwitverlies tegen te gaan, passen wij het dieet van de Lundehund aan. De Lundehund met Lundehund syndroom krijgt vetarm, goed verteerbaar voer, aangevuld met extra eiwit. Wij geven eens per week een injectie met vitamine B12. Heel belangrijk is om ontstekingsremmers te geven zoals prednisolon. Als dit teveel bijwerkingen geeft, gebruiken we andere ontstekingsremmende medicijnen. De ziekte is moeilijk te behandelen.

De erfelijke achtergrond

De Lundehunden met deze ziekte hebben foutjes, mutaties, in hun erfelijk materiaal (genen). In Hannover hebben wetenschappers gevonden dat een mutatie in het LEPREL 1 gen waarschijnlijk de oorzaak is van het Lundehund syndroom. Er zijn ook Lundies met deze mutatie die niet ziek zijn. Het kan zijn dat ze wel afwijkende darmen hebben, maar dat eigenaar of dierenarts dat niet heeft gemerkt. Het kan ook zijn dat ze later nog ziek worden. Ook kan het zijn dat er nog een extra factor nodig is die maakt dat de Lundehund ziek wordt (externe factor? voedselallergie? andere genen?).

de DNA test en het terugdringen van de ziekte

In Hannover kan bloed van Lundehunden getest worden op Lundehund Syndroom. Op dit moment hebben bijna alle Lundehunden de mutatie in het LEPREL 1 gen. Het is daarom niet mogelijk om alle honden met mutaties uit te sluiten van de fok. Dan hou je maar een paar fokdieren over en wordt de inteelt nog erger. Scandia, de rasvereniging in Nederland, gebruikt de DNA test daarom niet in het fokreglement.

In Noorwegen maakt de rasvereniging gebruik van een outcross programma. Door IJslandse hond, Noorse Buhund en Norbottenspetz in te kruisen, hoopt men weer nieuw gezond bloed in het stamboek van de Lundehund te krijgen. Scandia wil graag meewerken aan dit outcross programma, om de Lundehund gezond te krijgen. Als er weer meer variatie is in het Lundehunden-ras, kan de DNA test hopelijk wel gebruikt worden om de ernstige darmziekte terug te dringen. Dan blijft dit unieke hondenras bestaan, zonder het nare Lundehund syndroom!

Gerelateerde artikelen